8
Als ik klein en hongerig ben
ben jij daar
doe je me groeien.
Als jij me doet groeien
zing ik voor je
omdat je ook moet groeien.
Als mijn golven woelig zijn
ben jij daar
kom je naar me toe.
Als jij naar me toekomt
overspoel ik je
omdat je mijn sterren waard bent.
Als ik geen plek vind voor mijn wortels
ben jij daar
geef je me aarde.
Als jij me aarde geeft
klamp ik me vast
omdat je me verlichting schenkt.
Als ik verdrink in mezelf
ben jij daar
neem je mijn hand.
Als jij mijn hand neemt
lach ik je toe
omdat je me niet loslaat.
Als de wind mijn bladeren teistert
ben jij daar
neem je me vast.
Als jij me vastneemt
ontspan ik me
omdat je me beschermt.
Als ik val in het luchtledige
ben jij daar
vang je me op.
Als jij me opvangt
vertrouw ik je
omdat je er altijd staat.
Als ik zwak en kwetsbaar ben
ben jij daar
geef je me kracht.
Als jij me kracht geeft
kan ik huilen
omdat je me kwetsbaar maakt.
Als ik bang ben voor jou
ben jij daar
geef je me ruimte.
Als jij me ruimte geeft
kom ik dichter
omdat je kwetsbaar bent.
Als ik niet weet wie ik ben
ben jij daar
ben je mijn spiegel.
Als jij mijn spiegel bent
zie ik dieper
omdat je zacht bent.
Als ik dorstig ben naar troost
ben jij daar
omhul je me met warmte.
Als jij me omhult met warmte
geef ik me
omdat je mijn hart en ziel koestert.
Als ik de zonsopgang zoek
ben jij daar
straal je met een gouden gloed.
Als jij straalt met een gouden gloed
brand ik in vurig rood
omdat je me raakt tot in de kern.
Als ik woorden zoek voor mijn gevoel
ben jij daar
praat je met me.
Als jij met me praat
zoek ik niet meer
omdat je geen woorden nodig hebt.
Bạn đang đọc truyện trên: AzTruyen.Top