11. Codes
Piep. Piep. Piep. "-normaal weer." Hoor ik iemand zeggen. Ik leg mijn hand op mijn buig. Verband. Iemand pakt mijn hand vast. "Ze is wakker!" Hoor ik Aviana gillen. Ik open mijn ogen. Alles is wazig. Na een paar keer knipperen met mijn ogen word alles scherper. Ik ben omringd met hightech apparaten. Een paar draden lopen naar mijn lichaam en zitten aan mijn lichaam vast met pleisters. Aviana en de andere meiden staan naast mijn bed. "Water." Fluister ik met een schorre stem. Ophelia rent snel weg. "Wat was er gisteren gebeurt?" Vraag ik. Ze staren stomverbaasd naar me. "Wat nou gisteren! Je was vijf dagen bewusteloos!" Roept Aria. "We dachten dat je terug zou gaan naar de echte wereld." Snikt Aviana. "HIER IS HET WATER." Ophelia komt binnengestormd. Ze geeft me een glas water. "Dank je." Ik neem snel een slokje. Het frisse vloeistof stroomt door mijn keel naar beneden. Blaise en de man komen naar binnen. Achter hun lopen een paar mannen in witte jassen. Ze duwen de meisjes weg en gaan voor me staan. "Waar was je in je droom?" "Heb je nog pijn?" "Wat gebeurde er allemaal?" Ze vuurden allemaal vragen op me af. Mijn hoofd begint te bonken. Ze stoppen niet met het stellen van vragen. "STOPPEN!" Gil ik. Ze stoppen meteen. Ik schud mijn hoofd en sluit mijn ogen. "Gaat het?" Fluistert Blaise. Ik open mijn ogen. Blaise zit naast me geknield op de grond. Ik knik. "Weet je nog waar je over hebt gedroomd?" Vraagt hij. Ik probeer na te denken, maar het lukt niet. Ik herinner me niks meer van mijn droom. Als ik al heb gedroomd. "Nee." Antwoord ik. Hij knikt begrijpend. "Zo lukt het nooit Blaise." De man komt naar me toe en trekt me overeind. "Probeer eens na te denken!" Gromt hij. Ik probeer me los te rukken, maar ik heb niet genoeg kracht. Blaise duwt de man weg. "Genoeg! Ze moet rusten!" Roept Blaise. De man laat me los en loopt boos de kamer uit. Blaise loopt achter hem aan. De meisjes komen naar me toe. "Wij zorgen dat je bed weer word opgemaakt! Dan kan je vanavond misschien bij ons slapen." Zegt Zaria. Ik knik glimlachend. Ze rennen kamer uit. Ik blijf alleen achter. Het enige wat ik nog herinner is dat Blaise me uit de vliegtuig droeg... Daarna viel ik in slaap. Maar even wat verder terug: die man zei dat de systemen overbelast waren? Maar die zombies waren niet eens van metaal ofzo! Weird. Een alarm boven de deur gaat af. Ik hou mijn handen tegen mijn oren. "Wat gebeurt er?!" Roep ik. Er stormen een paar mannen in zwarte kleding en mondmaskers naar binnen. Ze richten hightech wapens op me. Ik staar hem met open mond aan. Met mijn handen ga ik op de tast naar mijn zwaard. Niks. Ik kijk om me heen. Mijn zwaard ligt op de back DRIE meter verderop. Een man komt naar me toe en tilt me op. "Wie zijn jullie?!" Roep ik. "Hoor je straks wel." Antwoordt de man die mij vastheeft. Ik kijk naar zijn ogen. "Je bent nog zo jong!" Ik kijk verbaasd naar zijn heldere ogen. "Ik ben negentien." Gromt hij. Hij loopt met me door de gangen en loopt een trap op. Er rennen een paar mannen met wapens op ons af. De mannen achter me schakelen ze binnen drie seconden uit. "Moet dat?!" Roep ik. Ze halen hun schouders op. We gaan weer een trap op. Wacht hier zit onze kamer. "Waar zijn de andere meiden?" Vraagt de jongen. Ik wijs naar een deur. De jongen loopt erheen en trapt de deur open. "Meekomen!" Roept hij. Ze gaan in een aanvalshouding staan. "Wij zijn goed! Dus hup meekomen!" Roept hij. Ik knik instemmend. De meisjes lopen snel naar ons toe. "Als het niet waar is snij ik je kop eraf." Dreigt Elora. De jongens grinniken. De jongen draagt me weer een trap op. Hij trapt een deur open en loopt naar boven. Er staat een helikopter voor ons. De jongens helpen de meisjes met instappen. "SERAPHINA!" Ik zie Blaise en de andere jongens naar ons toe rennen. De jongen die me draagt laat me op de grond zakken. Hij richt zijn wapen op Blaise. "Ze gaan met ons mee." Gromt hij. Blaise richt zijn pistool op hem. "Seraphina! Kom terug!" Roept Blaise. De andere jongen begint te lachen. "Je bent echt dom. Waarom zou ze met jullie samenwerken als ze met de beste kan samenwerken?" Roept hij. Blaise kijkt hem woedend aan. "Seraphina stap in." Zegt de jongen. Ik kom wankelend overeind. "Seraphina! Ik zweer het je! Je moet niet met hem meegaan!" Roept hij. Ik schud mijn hoofd. "Jullie gebruikten ons als experimenten. Bij hem zijn we beter af." Roep ik. Blaise kijkt me emotieloos aan. "Seraphina als je met hem meegaat hoef je niet meer bij ons terug te komen." Sist hij boos. Ik staar hem glimlachend aan. "Leuk je gekend te hebben." Ik draai me om en stap in de helikopter. De jongen stapt snel in. Blaise en de andere jongens proberen de helikopter neer te halen, maar er zit een schild om de helikopter heen. Ik kijk naar Blaise die zijn wapen op de grond gooit. "Je hebt een goede keuze gemaakt." Zegt de jongen. Ik knik.
De helikopter landt op een enorme platform. De jongen tilt me op en springt uit de helikopter. We lopen door de gangen naar een enorme zaal. "Het is jullie gelukt!" Een vrouw komt glimlachend naar ons toe. "Ik ben de gamemaker van Last Game. We hebben jullie een tijdje gevolgd met een speciale camera. Jullie vechttechnieken zijn bijzonder sterk en we kunnen jullie hulp goed gebruiken. Wij zijn net als jullie hier in dit game vastgehouden. Zelf weet ik ook niet hoe dit kan, want in het game zelf zit de besturingsapparaat." Begint ze. "Hoe kunnen wij jullie helpen?" Vraag ik. De vrouw gebaart me haar te volgen. We lopen naar een glazen tafel. Ze maakt een veeg gebaar. Er verschijnt een gebouw. Wacht! Dat is de gebouw waar Blaise en de andere jongens in zitten! Naast de gebouw verschijnen er vraagtekens en lijnen. "Iemand heeft de software gehackt en een code geactiveerd zodat wij de software niet kunnen repareren. Hij of zij voegde ook een paar nieuwe dingen in de software. Bijvoorbeeld het nieuwe gebied en spelers vermoorden. Er zijn ook dingen veranderd of verwijderd. De dieren zijn allemaal verdwenen en de schild werkt niet meer. Maar goed zoals je ziet is dit de gebouw waar jullie als experimenten werden gebruikt. Ik wil dat jullie de codes proberen te vinden en het doorgeeft." Legt ze uit. "Hoe moeten wij weten waar de codes zijn?" Vraagt Aviana. "Ze zijn verspreid over de hele gebouw." Antwoordt ze. "Lekker makkelijk." Mompelt Saira. "Hoeveel codes?" Vraag ik. "Elf." Antwoordt ze een beetje gefrustreerd. "Oké wanneer moeten we beginnen?" Vraagt Aria. De vrouw kijkt naar mijn buik. "Als jij weer beter bent. Ondertussen zullen onze vijanden." Ze wijst naar de gebouw. "Ons aanvallen. Willen jullie proberen hen weg te jagen?" Vraagt ze. We knikken. "Goed! Jake, Xavier, Colar en Revit brengen jullie wel naar jullie slaapkamer." Zegt ze glimlachend. We knikken en lopen achter de jongens aan. "Hier is jullie kamer." Één van de jongens opent de deur. We kijken vol blijdschap naar binnen. "Hemelbedden!" Roep ik blij. De jongens knikken en lopen grinnikend weg. Ik kies een mintgroene hemelbed uit. "Oh ja! Jij gaat rusten! Wij gaan wel kijken wat we kunnen doen!" Roept Aviana. Ik knik. Ze rennen de deur uit. Vermoeid ga ik op mijn bed liggen. Ik staar naar de plafond.
Bạn đang đọc truyện trên: AzTruyen.Top