Hoofdstuk 6
Als Freya me niet wou helpen, was er nog maar één mogelijke optie waar ik naar toe kon gaan. De politie. Ik nam de eerste links, in die straat lag het. In de verte zag ik het politie kantoor al. Ik zette mijn fiets in het fietsenrek en deed hem op slot.
Binnen was het lekker warm, direct vroeg een vrouw met kort bruin haar en een strak politieuniform: 'Waarmee kan ik u van dienst zijn?' Ik ging dichter bij de balie staan. 'Ik zou graag wat meer weten over de moord van Lucy. Ik be- euh... was, haar beste vriendin namelijk' De vrouw keek direct heel bezorgt.
'Ohja, wat erg voor je.' Het klonk heel sarcastisch, ik mocht die vrouw écht niet. 'Het is hier het eerste bureau, ik zal even meelopen.' 'Ik kan heus zelf wel lopen hoor...' Reageerde ik bruut. De vrouw keek me boos aan en ging dan weer achter haar laptop zitten.
Ik liep naar daar en klopte op de deur. 'Binnen!' Ik zag een redelijk oude man met grijs haar en een bril achter een bureau zitten. 'Ga maar zitten, waarme kan ik je helpen?' Ik schoof de stoel naar achter en ging zitten.
'Ik zou graag wat meer weten over Lucy, ofdat jullie de dader al hebben kunnen pakken bijvoorbeeld.' De man keek triest. 'Jij bent die vriendin, niet?' Ik knikte. 'We hebben de lichamen onderzocht maar niets gevonden. Het is onmogelijk.'
'Hoezo, onmogelijk?' De man schoof zijn stoel een beetje dichter. 'We kunnen de moordenaar niet vinden. Daarom stoppen we met zoeken...' 'WAT?!' Ik sprong recht en keek hem boos aan. 'DAT KUNNEN JULLIE NIET MAKEN!'
De man gebaarde me om terug te gaan zitten. 'Het is nutteloos...' Ik was woedend. Ik duwde de stoel naar achter en trok de deur open. Ik gooide hem met een smak dicht en beende het politiekantoor uit.
Sorry dat het weer zo lang geduurd heb, ik zal binnenkort meer gaan posten!
Bạn đang đọc truyện trên: AzTruyen.Top