XXII

Verdrinken. Het was dé manier. Ik zou niet op het laatste moment terugkrabbelen, dat wist ik wel zeker. Gewoon mijn polsen en voeten vastbinden en het water in, simpel als wat.

Ik schrok van mezelf, dat ik hier zo makkelijk over dacht. Maar dit kon bijna niet anders dan voelen als een bevrijding.

Langzaam liep ik richting de brug aan 't Overste, waar ik inmiddels vlakbij was. Ik had het voor elkaar gekregen touw te stelen uit een winkel, dat kon er ook nog wel bij.

Ik ging zitten op de rand van de brug en stroopte mijn broek op. Voorzichtig pakte ik een stuk touw van de bol die ik bij me had en schuurde hem aan een hoek van de brug af, zodat het knapte op de plek waar ik dat wilde.

Ik bond het zo strak mogelijk om mijn enkels, tot het pijn begon te doen. Ik legde er een knoop in  en kon mijn voeten amper meer bewegen.

Ik begon me af te vragen of dit überhaupt ging werken: de touwen zouden onder water vermoedelijk losser gaan zitten en ik zou zo weer naar de oppervlakte kunnen. Dit was een slecht plan. Waar was ik eigenlijk mee bezig?

Ik liep weg voor alle problemen, weg voor alles wat ik fout had gedaan. Was ik echt zo'n lafaard? Kon ik dat zomaar doen?

Ja, dit moest. Ik begon weer een stuk touw af te schuren, voor om mijn polsen. Het touw knapte en op dat moment verloor ik mijn evenwicht.

Ik greep me snel vast aan de balk, maar het touw viel uit mijn handen en belandde met een lichte plons in het water. Ik had nog een klein, afgebroken stuk in mijn handen.

Sukkel dat je er bent.

Ik zuchtte. Dan maar hiermee proberen. Ik begon klunzig mijn polsen aan elkaar vast te knopen, wat niet erg goed lukte. En net toen ik eindelijk dacht een knoop te kunnen leggen, klonk er opeens vanachter een geschrokken stem.

"Chris!"

Ik keek abrupt om, waardoor ik bijna voor de tweede keer mijn evenwicht verloor.

Daar, nog geen twintig meter bij de vandaan, kwam Eliza aangefietst.

Bạn đang đọc truyện trên: AzTruyen.Top