▪︎ 18 ▪︎
Met een knip van zijn vingers liet Zee de boeien rond Jamies polsen verdwijnen.
'Het is de armband, toch?' vroeg de heks, terwijl ze al aan het slot begon te prullen om het los te maken.
De fee hoefde al niet meer te antwoorden. Toen ze de armband los in haar hand hield, voelde ze hoe de leegte in haar binnenste zich weer opvulde.
Het was raar eigenlijk, hoe ze zo afhankelijk was geworden van de aanwezigheid van haar magie. Alleen feeën werden ermee geboren, heksen werden erin opgeleerd. Ooit had ze het altijd zonder moeten doen. Dat was al zo lang geleden.
'Ik poef ons er wel heen, oké?' zei Zee.
'Poef?'
'Poef.'
De jongeman haalde zijn vingers door een roze plukje van zijn haar en legde vervolgens zijn hand op haar schouder.
Jamie werd opgeslokt door de duisternis, om een tel later gedesoriënteerd met haar twee voeten in één van de straten van de stad te staan. Ze herkende de plaats niet. Ze voelde zich duizelig en misselijk. Met haar hand op haar buik boog ze een stukje voorover.
'Niet het moment om over te geven,' merkte de fee op met een kort schouderklopje.
De heks slikte het gal in haar keel door en knikte. 'Waar zijn we?'
'Bij de kraam van mijn partner.'
Nu zag Jamie het wel. Ze stonden inderdaad bij de juwelenkraam waar Gwendolyn gisteren het armbandje voor haar had gekocht. Achter de kraam stond nu een tienermeisje, die meer aan haar nagels aan het prullen was dan op mogelijke klanten te letten.
'Ik zie haar niet meer,' zei Zee. Hij ging op zijn tippen staan om over de grote groep mensen heen te kunnen kijken.
Er waren aanzienlijk meer bezoekers dan de avond voordien. Een perfecter moment om onopvallend een prinses te vermoorden bestond waarschijnlijk niet.
Jamie besloot dat ze te veel tijd aan het verliezen waren. Gwens leven stond op het spel. Ze liep naar het tienermeisje toe en bonkte met haar vuist op de tafel om haar aandacht te trekken.
'Waar is de vrouw die hier gisterenavond stond? Zwart haar, paarsig sjaaltje?'
'O, euh, die is- euh, naar de bakker ofzo, denk ik, weet ik veel. Ze zei gewoon dat ik hier moest staan tot ze terug was. Ze zal hier zo wel weer zijn.'
Jamie klemde haar kaken op elkaar tot ze pijn deden. Ze draaide zich weer naar Zee. 'Ik zou iemand vermoorden in een bos, minste risico, maar daar waren wij al, dus daar gaan ze niet zijn.' Ze fronste. 'Waarom heb je geen tatoeage die ons hiermee kan helpen. Dat zou pas nuttig zijn,' mompelde ze.
'Jij hebt ook magie.'
Zee had uiteraard een punt.
Ze probeerde zich voor de geest te halen hoe Gwendolyn er precies uitzag, terwijl ze haar handen een halve centimeter van elkaar hield. Er verscheen een lichtpuntje tussen haar handen.
Ze stelde zich haar blauwe ogen voor, met de kleinste groene details en de onregelmatige grijze strepen. Haar lichtbruine haar, meestal wel op één of andere manier gevlochten. Haar rozige porseleinen huid, het puntje van haar neus, de krulling van haar lippen. Haar lange nek en de rondingen van haar lichaam.
Hoe duidelijker het beeld van de prinses in haar gedachten werd, hoe groter het lichtje werd. Toen het een bal met een diameter van tien centimeter geworden was, liet ze haar handen ontspannen en schoot het lichtpuntje weg.
'Die kant op,' deelde ze mee, terwijl ze er al achteraan begon te lopen.
Jamie keek niet meer achterom om te zien of de fee haar wel volgde. Ze liet het lichtpuntje zo snel gaan als ze zelf kon lopen. Na een minuut vervloekte ze haar slechte conditie al.
Ze werd door de drukke menigte gestuurd, langs twee bakkers en een schoenmaker en door de meest louche steegjes van de stad.
Het lichtje verdween toen ze aan de zijkant van een gebouw niet ver van de herberg beland waren. De markt kwam niet tot hier. Er was niemand anders te bekennen.
Er was nog steeds geen teken van de prinses en de juwelenverkoopster. Ze vloekte binnensmonds, terwijl ze buiten adem haar handen op haar knieën deed rusten. Dit illustreerde mooi waarom ze specialiseerde in helende magie in plaats van in één van de andere, wispelturigere varianten.
'Dat ging goed,' merkte de fee naast haar hijgend op.
Jamie stak haar hand op, om hem tot zwijgen te manen. 'We gaan het gebouw rond. Ze moeten hier wel ergens zijn.'
De frustratie om haar onmacht begon stilaan de bovenhand te nemen. Ze balde haar hand tot een vuist en draaide zich om naar Zee. 'Dit is jouw schuld,' brieste ze, voor ze aan een stevig tempo verder langs het huis liep.
'Ik heb dan ook geen moraal,' reageerde de fee kalm.
De heks wierp hem nog een dodelijke blik toe, voor ze tot een halt kwam bij de afvalbak die bij de achterdeur van het huis stond. Ze bleef half achter de muur staan, zodat ze maar net kon zien wat er gaande was.
Gwen zat geknield op de grond, een mes tegen haar keel. Een dun stroompje bloed gleed tergend langzaam langs haar nek naar beneden. Haar ogen traanden. Zees partner hield haar onderbenen in de aarde gepind. Ze kon geen kant op.
Jamie werd opnieuw overspoeld door misselijkheid.
Ze wist niet hoe ze dit kon oplossen. Haar hoofd blokkeerde.
De vrouw bewoog het mes. Jamie schreeuwde iets wat ze zelf niet hoorde en stak haar hand uit. Het mes verscheen in haar handpalm en de vrouw keek geschrokken op.
De schok veranderde binnen de seconde in een grijns. Ze had nog een mes aan haar riem hangen en dit keer verloor ze geen tijd.
'Ik dacht het niet.' Zee verscheen naast zijn partner. Hij verbrijzelde haar pols met het mes onder zijn zware laars.
De vrouw schreeuwde het uit en deed nog een poging het mes te pakken met haar andere hand, maar de fee sneed haar keel door alsof het niets was. Het lichaam viel levenloos neer in de modder als een zak met aardappels. Zee bukte er naast neer en pakte haar tuniek beet om het bloed mee van het lemmet van Jamies zwaard te vegen.
De heks spurtte naar Gwendolyn toe, zakte naast haar door haar knieën en sloeg haar armen om haar heen. De prinses huilde niet echt. Ze staarde alleen maar voor zich uit, terwijl de tranen in stilte over haar wangen rolden en ze haar hoofd tegen Jamies borstkas gedrukt hield.
Laatstgenoemde aaide over haar haar en over haar arm en mompelde geruststellende dingen, terwijl ze zelf nog tegen de tranen moest vechten. Er hing bloed aan Gwens wang en in haar haar. Jamie probeerde het weg te vegen met haar mouw, maar er bleef altijd nog een beetje zitten. Ze drukte haar lippen tegen Gwens voorhoofd en fluisterde: 'We gaan naar huis, oké?'
De prinses knikte vaag en Jamie hielp haar recht.
Zee stak het zwaard weer terug op zijn plek in de schede op haar rug. 'Ik kom mee naar de hoofdstad, als jullie dat niet erg vinden. Ik moet nog een beloning krijgen,' grijnsde hij.
Jamie had de fut niet om geïrriteerd te kijken, maar keek hem toch lang aan. 'En wat als we het wel erg vinden?'
'Dan hebben jullie pech. Beloofd is beloofd.'
De heks besteedde verder geen aandacht meer aan hem.
Ze vermeden de drukke straten en de markt en liepen langs de huizen terug naar de herberg. Rye was nog daar, had Gwendolyn gezegd, iets met een verdovend middel, maar Jamie had het niet goed verstaan.
De prinses ging meteen naar hun kamer toen ze aankwamen. Om water in haar gezicht te gooien, zei ze. Zee bleef achter in de gelagkamer en Jamie ging naar Rye's kamer om te kijken of hij daar was.
Ze vond hem languit uitgestrekt onder de lakens op het bed. De heks gebruikte een vlugge spreuk om te achterhalen wat hem in slaap hield - papaverzaad, niet de meest effectieve manier - en begaf zich vervolgens naar de stallen om wat kruiden uit haar zadeltas te halen.
Terwijl ze er een mengeling van maakte en het tot een kleine bol vormde, ging ze langs alle gebeurtenissen van de afgelopen dagen. Wat er die dag gebeurd was spande de kroon. Ze was geen vechter, geen soldaat of beschermer. Ze was een heler. Het was zo'n dom idee geweest om deze hele zoektocht aan te vangen. Waarom hadden ze geen bewakers mee kunnen nemen? Er moesten toch wel wachters zijn in het kasteel die konden doorgaan voor gewone burgers?
Het had ook geen zin dat ze zich er nog druk om maakte. Erger dan dit kon het waarschijnlijk niet meer worden. Tenzij Gwendolyn nog ergens op de terugweg vermoord werd. Misschien was dit een moment waarop ze de regels van de heksenorde wel mocht breken, de regels van de goden. Een beschermspreuk, een kleintje, dat kon toch geen kwaad?
Ze vroeg het uiteindelijk aan Zee, nadat ze Rye was gaan wakkermaken en ze hem naar de prinses gestuurd had.
'De prijs begint wel op te lopen, heks, dat weet je toch?' De fee keek haar geamuseerd aan.
Hij zat op een bankje bij de stallen, met één knie tegen zijn borstkas getrokken en zijn blauwe en roze haarpunten wiegend in de wind. Jamie overwoog naast hem te gaan zitten, maar bleef uiteindelijk gewoon voor hem staan.
'Wat wil je dat ik doe?'
'Ik ben er nog niet uit.' Hij liet een paar vlammen op zijn vingers dansen. 'Ik dacht je eerst te vragen of je me kon aanbevelen bij de heksenorde, om een leerling te worden-'
'Dat kan helemaal niet. Je bent-'
'Tut tut, ik ben nog aan het praten. Ik dacht dat te vragen, want heksenmagie is, zoals je zelf ook weet, veel sterker dan feeënmagie, en stel je gewoon eens voor dat ik allebei zou hebben, maar toen dacht ik aan die regels van jullie en daar zou ik niet onderuit kunnen. De opperheksen zouden me nooit met hun magie aan de slag laten gaan als ik niet een beetje een moraalridder zou gaan spelen. Dus geen heksenorde.'
'Verstandige beslissing.' Jamie tikte met haar vingers tegen haar been. Ze waren weer beginnen prikken na de zoekspreuk die ze had gebruikt om Gwendolyn te vinden. 'Ik kan je wel een paar spreukenboeken voor beginners geven. Daar staan geen sterke dingen in, maar het is heksenmagie.'
Zee snoof en lachte vervolgens. 'Ik hoef geen spreukenboeken voor beginners, dank je wel. Ik ga er nog eens diep over nadenken. Je hoort het wel wanneer ik beslist heb.'
De heks hoopte dat hij er snel uit zou zijn.
'Klaar om te gaan?' hoorde ze Rye vragen.
Ze draaide zich om en knikte.
De prinses stond naast hem, weer haar statige zelf. Als er niet nog een beetje bruinrood in haar haar had gehangen, had er die dag even goed niets levensbedreigends gebeurd kunnen zijn. Ze zag eruit als een zorgeloze prinses, net als aan het begin van de reis, maar haar ogen leken niet meer op dezelfde manier de wereld in te kijken.
Jamie wilde dat ze haar ertegen had kunnen beschermen, maar over sommige dingen kunnen alleen de goden beslissen.
Zee was degene die de beschermspreuk uitvoerde.
Bạn đang đọc truyện trên: AzTruyen.Top