• 1 •

Woorden aantal: 3 270

.○.•.○.•.○.

Gina keek op haar horloge. De timer die ze gezet had, gaf aan dat ze al een half uur in de droom was. Het voelde niet zo, het voelde nooit zo. Ze dacht er aan te kunnen wennen. Ze dacht dat na de vele jaren dat ze een dromenvanger was, ze een gevoel zou krijgen voor hoe de tijd in een droom verstreek. Maar elke droom was anders. Elke droom was een andere ervaring en in elke droom liep de tijd anders. Deze droom was geen uitzondering. De tijd verliep snel, ondanks dat er weinig gebeurde. Daarnaast was de omgeving simpel. Het was een groot grasveld met in het midden een enorme boom die samen met het gras meebewoog in de wind. Gina spotte al snel de dromer, de eigenaar van de droom, die met zijn rug naar haar toe stond. Zijn blik was strak op de boom gericht waar nu een schommel verschenen was. Het meeste wat er was gebeurd in de minuut die als een half uur aanvoelde. Gina keek verder de droom door, ze was hier niet om met hem mee te kijken. Ze was hier niet om met hem de droom te ervaren. Ze had een andere taak. Die taak was om onopgemerkt op zoek te gaan naar een nachtmerrie die op het punt stond te ontkiemen.

Eerder deze avond, voordat ze deze droom in was gestapt, had ze aan de bedrand van de dromer gestaan. Daar had haar oorstuk, na een kleine tik erop, haar verteld dat er niet lang geleden een zaadje van onkruid bij hem geplaatst was. Nu was het aan haar om te voorkomen dat dat zaadje zou ontkiemen en er een plant zou kunnen groeien. In de droom kon ze dat oorstuk ook gebruiken en ze tikte er met een vinger tegenaan om het te activeren. Een klein schermbalkje verscheen voor haar rechter oog. Het was een van de onmisbare attributen voor een dromenvanger, maar er waren ook andere voorwerpen die ze geleerd had een droom in mee te nemen. Ze had haar horloge dat gelijk stond met degene die haar echte lichaam droeg en ze had een gouden boog: haar dromenwapen. Dit was een voorwerp dat ze enkel in een droom kon dragen, maar haar meer dan vertrouwd in de handen lag.

Haar blik ging verder de droom door en ze trok de pees aan. Een goudgloeiende pijl verscheen ongeduldig op haar boog. Gina deelde die ongeduldigheid niet. Ze zette rustige, voorzichtige stappen door het gras. De kans was klein dat de nachtmerrie al ontkiemd was, maar ze kon nooit voorzichtig genoeg zijn. In haar carrière had ze meermaals een zaadje zien ontkiemen. Soms tot een plant, andere keren tot vreemde dieren, voorwerpen of gruwelijke schaduwen. Ze verschenen in verschillende vormen en maten, maar ze begonnen altijd klein. Ze begonnen altijd als een zaadje.

Terwijl Gina door het gras liep, merkte ze dat de nachtmerrie nog steeds in rust was. De droom had nog steeds zijn kalmte en ze moest toegeven dat het een prettige droom was. Het was voor haar ook een fijne afwisseling met de duisternis die ze vaak in haar werk tegenkwam. Haar oorstuk gaf een kleine piep. Het apparaat had een abnormaliteit opgevangen, een vreemde trilling in een zee van kalmte. Ze richtte haar boog en schoot. De gouden pijl vloog door de lucht en stortte zich met een boog de grond in. Daar spatte die uiteen in een verzameling van ginkgo bladeren die de lucht door dwarrelden. Even later plakten ze zich vast aan het nachtmerrie zaadje dat daardoor net zoals de bladeren op begon te gloeien. Het duistere zaadje spatte uiteen.

Gina keek op haar horloge. Ze had nog zeven uur te besteden. Er verscheen een kleine glimlach op haar gezicht en ze sloot haar ogen. De echte wereld kwam haar al snel tegemoet. Ze stond weer in een kamer, naast het bed van de dromer die zich van geen kwaad bewust zich in zijn slaap omdraaide. Gina tikte op haar oorstuk en ze keek naar zijn statistieken. Er waren geen sporen meer van een nachtmerrie in zijn dromen te zien. Haar taak was volbracht. Even liet ze het toe zichzelf voldaan te voelen voor ze de dromer van haar lijstje haalde. Een paar seconden later stapte ze het raam uit, de lucht in. Haar schoenen gloeiden goud op, terwijl ze door de lucht liep. Ze lieten strepen achter waar ze gelopen had en ze maakten gloeiende linten in haar zoektocht naar haar volgende dromer. Al snel hoorde ze een piepje in haar oor, het teken dat er een andere dromer in de buurt was. Ze stond stil boven een lege en donkere straat. Haar ogen gingen de ramen af tot ze een klein bedlampje zag en er informatie van een dromer op haar schermbalkje verscheen. Ze stapte naar beneden, het raam door en een kinderkamer in. In het bed lag een kind onrustig te slapen. Zelfs zonder de gegeven informatie kon ze zien dat die een nachtmerrie had. Gina resette zonder te dubben haar timer en een paar seconden later stapte ze een nieuwe droom in.

Het was donker. Het enige wat licht gaf, was Gina's boog en haar schoenen. Maar zelfs in de donkerste dromen was het geen licht wat ze nodig had. Een tik later verscheen het bekende schermpje weer voor haar oog en die zorgde ervoor dat ze alle contouren van de droom kon zien. Gina haalde onbewust scherp adem. Rijen aan rijen met pilaren stegen er aan alle kanten omhoog. Er waren geen muren, geen plafond, enkel de grimmige pilaren. Grimmige pilaren die onder onheilspellende planten zaten die de stenen leken te wurgen.

Ze keek naar haar horloge, er was nog geen minuut verstreken. Ze zette een paar stappen die onheilspellend echoden en ze controleerde de timer weer. De tijd was traag. Het zou geen probleem worden de nachtmerrie te ontwortelen, maar het ging duidelijk nog een karwei worden het onkruid te vinden. Ze had nu immers de dromer zelf nog niet gevonden. Want waar de dromer was, daar was de nachtmerrie. Nachtmerries voedden zich aan de dromer, treiteren die, klampen zich als het waren aan ze vast. Maar het gebeurde ook dat de nachtmerries zich om de dromer heen wikkelden, rode striemen op hun huid achterlieten, ze in een ijzeren greep hadden. Gina had vele variaties hiervan gezien en ze was blij dat haar lichaam er niet al te gevoelig voor was. Sommige beelden waren... Ze wilde er liever niet aan denken, maar ze snapte maar al te goed dat het sommige dromenvangers ongewild de droom uittrok.

'Help!' klonk er plots in de droom, gevolgd door gehuil. 'Mama, papa!' Gina's hart trok bij de hartverscheurende gevoelens die nu in de droom aanwezig was. 'Ik wil naar huis.' Gina slikte en ze ademde diep in. Ze wachtte met het spannen van haar boog en luisterde. Er was eerst geritsel van bladeren, maar Gina had al gezien dat die niet de wortels waren die ze nodig had.

'Mama! Papa!' riep het kind weer gevolgd door wat gehik. Het geritsel zwol aan en werd al snel vervangen door dreunende voetstappen. Gina keek om en ze zag welke vorm het onkruid in deze droom had aangenomen. Het was een enorme vogel die met lange benen stampend naar het kind toe kwamen. Het lijf verdween in de duisternis boven ze en Gina voelde zich klein. Kleiner dan het kind. Er was een vreselijke schreeuw en uit de duisternis verscheen een vogelkop die verbonden was aan een enorm, lange nek. Zijn ogen gloeiden vol bloedlust en waren volledig op de dromer gericht die zich huilend tegen een pilaar had gedrukt. Hierdoor kreeg Gina een goed beeld van de vogelpoten die bekende patronen droegen. Nachtmerries namen misschien niet dezelfde vorm aan, maar hun patronen bleven in elke droom gelijk. Deze waren zowat gebrandmerkt op de lange poten.

Gina voelde de angst van het kind op haar drukken, maar het liet haar wel haar boog spannen toen de vogel als een predator dichter bij de dromer kwam. Haar pijl gloeide op en schoot een moment later de droom door. Het raakte een van de poten en spatte in bekende ginkgo bladeren uit elkaar. De vogel stopte in zijn passen en zijn roodgloeiende ogen waren meteen op Gina gericht. Ze legde een nieuwe pijl op haar boog en liet weer los. De vogel schreeuwde het uit en kwam in een sneltreinvaart op haar afgestormd. Ze zette het op een rennen en ze gebruikte de pilaren in haar voordeel.

De dromer huilde hartverscheurend verder, maar dat gaf Gina enkel meer energie om de nachtmerrie van die weg te krijgen. Ze spande haar boog weer aan en schoot. De poten van de vogel waren nu bijna volledig bedekt met haar bladeren en ze zag dat de nachtmerrie het steeds moeilijker kreeg haar te volgen. De eerst snelle stappen waren nu wankelend geworden. Ze schoot nog eens raak en de vogel schreeuwde het uit in pijn. De emotie van de nachtmerrie liep nu ook over in de droom, waardoor Gina er bijna medelijden mee kreeg. Ze spande haar boog nog eens. Die pijl was duidelijk de laatste die de vogel nodig had. Piepend kromp de vogel ineen en een traan glinsterde in een van de rode ogen. Gina was klaar een laatste pijl door het hoofd van de nachtmerrie te schieten, maar werd abrupt de droom uitgetrokken. De dromer was wakker geworden. Tranen lagen in diens ogen en met deken, kussen en knuffel, kwam het kind het bed uit en verliet al huilend de kamer. Niet veel later hoorde Gina de kalmerende, sussende stemmen van de ouders en ze ademde diep uit. Haar hart klopte nog hard in haar borst. Even gaf ze zichzelf de tijd om tot rust te komen voor ze een bericht naar het hoofdkantoor stuurde.

Ginkgo, dromer 67B2A, wakker geworden, controle nodig volgende nacht.

Een paar seconden gingen voorbij voor Gina een bekend geluid in haar oor hoorde.

Bericht Ginkgo ontvangen, was het korte antwoord en Gina rekte zich uit. Zelf na de paar seconden rust, kon ze de nachtmerrie nog steeds in haar spieren voelen zitten. De adrenaline was duidelijk nog in haar lichaam aanwezig en ze besloot dat het verstandig was om eerst rustig op een dak te zitten voor ze haar volgende dromer voor handen zou nemen.

De avond was helder, veel sterren waren aan de hemel te zien, maar Gina's ogen volgden liever verschillende dromenvangers de lucht door. Er waren verschillende kleuren. Gina zelf droeg goud, een kleur die ze ook deels in haar donkere haar had en in haar ogen droeg, maar ze had die kleur nog niet langs zien komen. Wel zag ze groen en blauw, waarvan de tweede duidelijk in de meerderheid was. Blauw was altijd een favoriete kleur en Gina moest toegeven er zelf bijna ook voor te hebben gekozen. Het was een kleur van rust en een kleur die vaak met een vredige slaap geassocieerd werd. Toch had ze het gouden geel gekozen, het stond haar goed en daarnaast representeerde het licht dat ze in de duisternis wilde zijn. Ze zuchtte nog eens diep en ze stond op het punt weer verder door de nacht te lopen toen ze haar oorstuk plots om haar aandacht vroeg.

Oproep ploeg [E]lite 8 [Picea, Ginkgo, Torreya, Cycadales, Thuja]: Meld jullie onmiddellijk bij het hoofdkantoor.

Gina fronste wat verward, waarom stond Ephedra er niet tussen? Was er iets aan de hand waarom die niet vermeld was? Of was Ephedra degene die dit bericht verstuurd had? Gina wist dat ze daar maar op één manier achter kon komen en dat was door de oproep te beantwoorden.

Oproep ontvangen, stuurde ze terug en ze stapte van haar dak af. Ze haalde een knikker uit haar zak. Een gooi later veranderde de knikker in een portaal dat haar naar het hoofdkantoor leidde. Gina vroeg zich, toen ze het portaal door stapte, af of ze de eerste zou zijn die aan zou komen of dat de rest van haar ploeg daar al zou zijn. Haar vraag werd snel beantwoord toen ze in het lege marmeren gebouw stond. De enige levende ziel zat achter de balie en nadat Gina haar oproep had laten zien, werd ze doorverwezen naar de hoogste verdieping. De lift liet lang op zich wachten en Gina was bijna geïrriteerd toen de deuren tegen werden gehouden toen die eindelijk dicht gingen, maar een bekend gezicht liet haar verwrongen gevoelens verdwijnen.

"Picea," zei ze blij verrast.

"Hey," zei Picea wat vermoeid en die stapte de lift in. "Heb je de rest al gezien?"

"Nee," zei Gina en Picea knikte. Het was stil voor een moment en de lift begon zijn weg omhoog.

"Hoe was jouw nacht?"

"Aardig te doen," zei Gina, "ik begon met een nachtmerrie die nog moest ontkiemen. Daarna een kinddromer."

"Dat noem je aardig?" vroeg Picea met een frons. "Ik weet niet hoor, maar nachtmerries van kinderen laten me altijd vreselijk voelen. Een kind zou niet zo moeten lijden."

"Dat- Ja. Hun dromen zijn altijd makkelijker overwoekerd," antwoordde Gina. "Maar ik ben altijd blij ze te helpen."

"Ik wou dat het anders was, dat enkel ouderen met die duisternis geplaagd worden. Of beter: dat niemand een nachtmerrie kon krijgen."

"Dan zouden wij ook niet nodig zijn." Picea knikte en Gina merkte op dat die nog niet van diens voeten opgekeken had tot de lift een bekende bel liet horen. De deuren schoven open en Picea wilde naar buiten stappen, maar Gina hield die tegen.

"We moeten een verdieping hoger," zei ze en ze kreeg een korte blik terug die al snel door Thuja gestolen werd aan de andere kant van de liftdeuren.

"Ik had dus de verkeerde verdieping," mompelde ze toen ze naar binnen stapte en ze op het juiste knopje drukte. Daarna verhief ze haar stem: "Hadden jullie dromers vanavond?" Zowel Gina en Picea knikten. "En nog iets opmerkelijks meegemaakt?" Picea was akelig stil en Gina besloot het op zich te nemen om over haar avond te vertellen.

"Mijn dromer werd wakker voor ik zeker kon zijn dat ik de nachtmerrie ontworteld had," zei ze en Thuja's gezicht vertrok meteen, terwijl de lift naar de volgende verdieping steeg.

"Dat meen je niet," zei ze. "Wat was het voor dromer? Een 1C?"

"Een 2A."

"Ach gosh, ik hoop dat het meevalt voor de dromer, maar je kan beter zeker zijn dat alle wortels weg zijn. Het slaat snel over bij kinderen." De lift maakte weer een bekend geluid en de drie dromenvangers waren eindelijk op de juiste verdieping beland. De gangen waren hier even verlaten als beneden, dat kwam vaker voor in de avond. De ene helft van de dromenvangers was actief onkruid bij dromers aan het wieden, de andere helft was slapende om hun eigen dromentuinen sterker te maken. Er was niemand over om de gangen te vullen. Gina voelde nu opeens de druk die ze eerder had gevoeld, de onzekerheid over de reden dat ze opgeroepen waren.

"Waarom denken jullie dat we hier zijn?" vroeg ze om de leegte te vullen.

"Misschien dat we iets van E7 op moeten ruimen?" zei Picea. "Maar ik hoop het niet."

"Ik denk dat het een oefening is," zei Thuja en ze probeerde duidelijk een positieve insteek te leveren. "Niemand weet ervan, dus het is als een soort brandoefening."

"Als we niet midden in de nacht hier waren geroepen, zou ik dat ook denken," zei Gina. "Of als we in een van korte dromen Elite zaten zou ik dat ook denken."

"Ja, waarom hebben ze niet E1 of 2 opgeroepen?" vroeg Picea zich hardop af.

"Misschien dat daar iemand is uitgevallen?" opperde Thuja.

"Maar waarom roepen ze ons dan op? Wat hebben ze aan een ploeg die gespecialiseerd is in de langste dromen als er iemand uitvalt in de ploeg gespecialiseerd in de kortste?"

"Misschien iemand van E7 dan? Dat die onwel is geworden?"

"Het lijkt me sterk," zei Gina realistisch, maar ze ontweek wat ze allemaal dachten. Ephedra had er hoedanook iets mee te maken. Dat was duidelijk. Het gesprek viel wat stil, maar het einde van de gang was bereikt. De deur die ze moesten hebben, schoof automatisch voor ze open en liet een grote kamer zien waar de lampen door hun aanwezigheid in aanschoten. De kamer was leeg op de meubels na en het drietal bleef wat verdwaald voor een banken cirkel in het begin van de kamer staan.

"Moeten we nu gewoon zitten en wachten, of-?" vroeg Thuja duidelijk niet op haar gemak. Haar voet leek steeds op de vloer te willen tikken, maar ze hield het duidelijk tegen waardoor haar voet soms een vreemde schokkende beweging maakte. Picea keek met een diepe frons de kamer door. Diens tanden stevig in diens onderlip gedrukt en Gina merkte dat haar kaken gespannen op elkaar stonden.

"Ik zat echt midden in een droom, dus ik hoop dat dit het waard is," zei de bekende stem van Torreya plots achter hen. Het drietal draaide zich om, om de andere twee leden van E8 aan te kijken.

"Is er iemand dood of zo?" vroeg Cycadales wat ongevoelig en iedereen keek elkaar voor een moment vragend aan.

"Ik denk eerder dat Ephedra in de problemen zit," zei Gina en ze sprak daarmee eindelijk haar gedachten mee uit.

"Wanneer zit die niet in de problemen? Ze zoekt altijd de ingewikkeldste dromen op," zei Cycadeles daarop en die ging zonder enige aarzeling op de bank zitten en zette diens voeten op de salontafel neer. Torreya ging er naast zitten en hij keek de rest wat sceptisch aan wegens die bleven staan. Echter voor de andere drie konden besluiten ook te gaan zitten, liep de directeur naar binnen. Ze was gekleed in een simpele witzilveren outfit die paste bij de eyeliner die ze als vleugels op haar ogen droeg. Gina was verbaasd haar te zien, ondanks dat ze met z'n allen in haar vertrekken stonden. Vaak was het iemand anders die de dromenvangers ontving, maar om de directeur als eerste te zien was vreemd. Het liet haar onrustig voelen.

"Ik weet niet hoe ik dit moet beginnen," zei de directeur. Haar handen had ze op elkaar gelegd voor haar lichaam. Haar vingers wreven over haar huid die uit zowel donker als licht pigment bestond, een patroon dat over haar hele lichaam te zien was, zelfs in haar gezicht waar een lichte frons te zien was. "Maar het zal jullie zeker opgevallen zijn, dat Ephedra er niet is." Het was even stil, waarin ploeg E8 de directeur strak aankeek, vragend om antwoorden, maar bang voor de realiteit die het geven zou.

"Waar is ze?" vroeg Cycadales bijna bevelend.

"Dromend." Er kwam een diepe frons op ieders gezicht

"En daarom zijn we hier?" vroeg Torreya wat verward.

"Dromend, omdat ze niet op tijd een droom uit heeft kunnen stappen." Gina kreeg het plots ijskoud en ze vouwde onbewust haar armen over elkaar.

"Hoe bedoelt u?" vroeg ze. De ogen van de directeur gingen nu naar haar toe.

"Er is acht uur verstreken en ze is nog niet wakker. Wegens jullie in dezelfde ploeg zitten, leek het mij gepast jullie hier als eerst over te informeren."

"Kunnen niet iets doen?" vroeg Cycadales met enige onmacht in diens stem. "Of heeft u ons enkel hier geroepen om dit te zeggen?"

"Ik heb jullie hier geroepen om zowel advies als hulp te vragen."

"Advies?" vroeg Torreya. Hij was Thuja net voor die haar mond open en weer dicht deed.

"Over hoe we haar wakker gaan krijgen."

"Mogen we haar dan eerst zien?" vroeg Gina. De directeur knikte.

"Laten we daar beginnen."

.○.•.○.•.○.

(niet ik die even mijn bachelor plantenwetenschappen in dit verhaal gebruikt)

Bạn đang đọc truyện trên: AzTruyen.Top